default_mobilelogo

Tussen gemeenten bestaan vaak grote verschillen binnen een woningmarktregio. Juist deze verschillen zorgen ervoor dat er voor iedereen een plek is. Onderzoek in de woningmarktregio Arnhem-Nijmegen laat zien dat slaagkansen voor verschillende inkomensgroepen vrijwel gelijk zijn. Ook de grootte van het huishouden is nauwelijks van invloed op hun slaagkans.

 

Slaagkansen voor jongeren het kleinst

Wel zijn er verschillen in slaagkansen tussen leeftijdsgroepen. Slaagkansen voor ouderen zijn hoog omdat deze groep de kans moet krijgen een woning met zorg te kunnen krijgen. Voor jongeren zijn de slaagkansen het kleinst. Daar is ook weinig aan te doen. Hun kansen worden bepaald door de hoeveelheid verhuisketens die starten (zie: Wat kan mijn gemeente doen voor starters op de woningmarkt). Bovendien hebben ze concurrentie op de woningmarkt van andere starters, zoals mensen die na een scheiding een huurwoning betrekken.

Gemeenten verschillen qua ligging, stedelijkheidsgraad en voorzieningenniveau. Maar ook wat betreft aard en omvang van het corporatiebezit. Dit bezit is van invloed op de kenmerken van de woningzoekenden die ergens een woning huren. Voor gezinnen is de beschikbaarheid van eengezinswoningen met ruimte en groen een pré, terwijl veel jongeren aan een betaalbare woning in een stedelijk milieu de voorkeur geven. Gelukkig biedt de woningmarktregio Arnhem-Nijmegen dat allemaal, maar niet alles in elke gemeente.

Zo loopt het aandeel corporatiewoningen uiteen van ruim 41% in Nijmegen tot slechts 19% in de gemeenten Heumen en Lingewaard.

 

Het type woning varieert sterk per gemeente

Ook het type woning varieert sterk per gemeente. Het aandeel verhuurde eengezinswoningen varieert van 64% in Rheden en 61% in Overbetuwe tot slechts 28% in Nijmegen. Daar staat tegenover dat in Nijmegen 22% en in Arnhem 18% van de verhuurde woningen een flat zonder lift is. In de gemeenten Overbetuwe en Westervoort is dat 1%.

Bepaalde woningtypen zullen geschikter zijn voor woningzoekenden in een bepaalde levensfase, vaak gekoppeld aan een bepaald inkomen. Jongeren zullen eerder in aanmerking komen voor een flat zonder lift, omdat deze vaak goedkoper is. Deze zijn vooral te vinden in Arnhem en Nijmegen. Dat is bovendien ook vaak de woonomgeving waar veel jongeren de voorkeur aan geven. Omgekeerd geldt dat in veel randgemeenten een ruimer aanbod is van eengezinswoningen die weer meer in trek (en betaalbaar) zijn voor grotere huishoudens met een iets hoger inkomen. Door deze differentiatie is er binnen de gehele woningmarktregio voor iedereen wat te kiezen. Maar dat betekent niet dat iedereen overal met even veel kansen terecht kan.

 

huis kopen 1120x450

 

Dit artikel is geschreven door Dr. Henk van Dijk, Adviseur Woningmarkt bij Enserve.

Eerder verschenen in de serie:

Bezint eer gij verordent

Niet meer gezinnen, wel meer gezinswoningen

Wat kan mijn gemeente doen voor starters op de woningmarkt?